Waarheid, weten en kennis is zoveel meer dan religie, leren en ratio.
Vanuit al-Andalus door Rudi Holzhauer
Als er iets makkelijk is dan is dat wel een column over Tegendraads denken Vanuit al-Andalus. De reden is de vroege ontkoppeling van religie en rede. Toegewijde moslim-filosofen die zich bevrijden van welke religie-dwang of religie-sturing dan ook. En zelf overtuigd moslim blijven. Ik noem er in deze column drie: Ibn Rushd (1126-1198), Ibn Tufayl (1110-1185) en Ibn al Arabi (1165-1240). We praten daarmee over Cordoba, Guadix en Murcia. Al-Andalus dus.

Voor de eerste (Ibn Rushd of Averroës) bestond er maar één waarheid. Die kenbaar was vanuit het denken en vanuit de religie. Bij gelijkluidende uitkomsten geen probleem. Bij niet-gelijkluidende uitkomsten moest het geloofs-standpunt beter worden begrepen, d.w.z. anders worden gelezen en uitgelegd. Tot er een gelijkluidendheid ontstaat.
In de verhouding tussen wetenschap en religie is die Ene Waarheid al tegendraads genoeg. Dat daar in de tijd van de Universiteit van Parijs (rond 1250 – Siger van Brabant e.a.) een “leer van de dubbele waarheid” voor werd geformuleerd zegt ook al weer iets.
Ibn Tufayl gaf in zijn boek over Hayy Ibn Yaqzan aan dat de mens geheel zelfstandig alles kon leren wat er te leren valt. Zonder leermeesters, zonder gemeenschap, zonder religie. Gewoon: in en met de natuur. Wij zijn de natuur. Wij zijn Eén met de natuur.
“God is de natuur” formuleerde Spinoza later als een vorm van zelfbescherming. En Kinderen voor Kinderen (1981): “Op een onbewoond eiland” – “Je wordt vanzelluf groot”.


En met Ibn Arabi kwam de mystiek binnen in de wetenschap. Weg van alleen maar ratio. Derwisj (dansen) als kennismoment. Muziek en kunst, intuitie en verbeelding brengen je overal (waar rationele kennis je niet brengt).
Want ja – er is meer tussen hemel en aarde. De weg van de sterren. De weg van verbinding tussen hoofd en hart. De weg van het Ene.
Alle drie voorlopers voor het latere zgn. Westen. Ibn Rushd voor latere Westerse wetenschappers die een positie moesten verwerven tegenover “het geloof”. Koert Debeuf brengt zijn positie in kaart. De ISVW deed dat ook bij de laatste vernieuwing van het Filosofenpad. Bij Ibn Tufayl moest u ongetwijfeld meteen denken aan Daniel Defoe en diens Robinson Crusoe. Mystiek staat bij velen wat verder weg. Als je Ibn Arabi zegt, zeg je ook Meister Eckhart.
Zeker allemaal niet één op één invloeden, maar wel eenzelfde richting of perspectief. Met eenzelfde vrij-making of bevrijding. Tegendraads zowel waar het de omvang van onze kennis betreft (wij zijn niet ons brein, en waren dat ook nooit). Tegendraads waar het de eenheid van mens en kosmos betreft (en de natuur als onderdeel daar van). Tegendraads met de wijsheid dat er meer is dan we kunnen zien en meten.
Wijsheid (kennis, wetenschap, intuitie) staat los van geloof en komt primair. In een religieuze omgeving is dat tegendraads. Weten is iets dat zich helemaal in jezelf ontwikkelt. En zonder mystiek ben je nog steeds nergens. Wie altijd met beide voeten op de grond blijft staan komt nooit een stap verder. Ofwel: verbeelding brengt je overal.
Bronnen
Koert Debeuf, De Renaissance begon in Bagdad, Boom filosofie 2027
Remke Kruk, Hayy ibn Yakzan. Een filosofische allegorie uit Moors Spanje, Bulaaq, 2007
Kamel Essabane en Sabine Wassenberg, De Zoon van de Gazelle. Nieuwe druk Samsara uitgever, oktober 2026
William Chittick, Heilige Verbeelding. Ibn al-Arabi over religieuze diversiteit, Synthese uitgeverij, november 2021